|
|
|
|
print/download PDF version
Ik heb niets te verbergen, maar hecht wel aan mijn persoonlijke
levenssfeer.
A.R. Lodder.
Column, 2007.
|
Ik heb niets te
verbergen, maar hecht wel aan mijn persoonlijke levenssfeer
Arno R. Lodder
In april 2007 vloog ik
naar Liverpool en werd geconfronteerd met de aangescherpte handbagage-regels.
Ik las de aanwijzingen slechts half en kwam vervolgens door de controle zonder
mijn scheermesjes, tandpasta, deodorant en after-shave ingeleverd te hebben.
Ook op de terugweg ben ik niet ingegaan op het verzoek bovengenoemde spullen in
een plastic zakje te doen, maar zelfs de Engelse controle leverde geen problemen
op. Ik weet niet zeker of ik het nog een keer zal wagen, want de controles
zullen denk ik scherper/beter worden en om nu vlak voor een vlucht opgehouden
te worden en mogelijk zelfs een boete te krijgen is niet iets waar ik direct op
zit te wachten. Dit betekent wel dat ik een deel van mijn persoonlijke
levensfeer niet meer voor mijzelf kan houden. Hier is de ter inperking van de
privacy in het kader van de bestrijding van terrorisme gebruikte slogan “Ik heb
niets te verbergen” van toepassing. Ik ben immers geenszins voornemens na een
controle met mijn toiletspullen een bom in elkaar te zetten, wat de reden voor
deze maatregel is. Dat mijn medepassagiers en anderen mijn tandpasta, etc.
zien, is op zich niet schadelijk voor mij maar zie ik wel als een onnodige
inperking van mijn privacy. Ik schijn daar redelijk alleen in te staan. Vandaag
had een collega het nog over meer dan 90% van de Nederlanders die wel wat
privacy wilden inleveren om terrorisme tegen te gaan. Het is daarbij nog de
vraag in hoeverre een maatregel als bovengenoemd nu echt veel effect sorteert,
zeker in het licht van de nadelen die het heeft voor passagiers (gedoe) en de
controleurs (meer werk). Een andere vergaande maatregel op dit vlak is de
algemene identificatieplicht. In de jaren tachtig nog tegengehouden wegens
associaties met de oorlog (“Ausweis bitte”), nu op de golven van
terrorismebestrijding eenvoudig door het parlement geloodst. Ik voldoe hier
meestal aan, omdat mijn portemonnee een goede plek voor mijn rijbewijs is. Toch
voel ik mij niet prettig als ik ’s winters naar de ijsbaan fiets met alleen
mijn schaatsen bij me, zeker als mijn licht het niet doet. Immers, bij
aanhouding mag ik mee naar het bureau. Nu is het niet zo dat ik graag anoniem
door het leven ga en liefst alles voor mijzelf houd, maar ik vind de
ontwikkeling tot steeds meer inperking van de privacy wat ver doorgeschoten. Er
is overigens ook een tegengestelde ontwikkeling. De meest bezochte site op het
internet is niet Google, maar MyWorld.com, een site waar mensen liefst zo veel
mogelijk informatie over zichzelf prijsgeven. Interessante vraag is of het op
internet zetten van persoonlijke informatie betekent dat iedereen (bedrijven,
overheid) er alles (bijv. data mining) mee mag doen. Een boeiende ontwikkeling,
die het concept privacy weer in een heel ander daglicht stelt.
|