|
|
|
|
|
|||||||
|
||||||||||
|
||||||||||
|
Samenvatting:
Serviceproviders blokkeren de toegang tot sites met kinderporno. Een
opmaat naar verregaande censuur, schrijven Rob van den Hoven van
Genderen en Arno Lodder.
TekstHoe zou u het vinden als anderen bepalen wat u wel en niet te zien krijgt op internet? Als de informatie die u via internet ontvangt, gecensureerd is? Het Korps Landelijke Politiediensten (KLPD) en de serviceproviders sloten vorig jaar convenanten waardoor zij de toegang kunnen blokkeren van sites op de zwarte lijst van het KLPD, zoals kinderpornosites. Sindsdien hebben meerdere providers, waaronder UPC, zulke sites geblokkeerd.
Is daar iets mis mee? Ja. Het vorige maand aan de Tweede Kamer
beschikbaar gestelde onderzoeksrapport Filteren van internetverkeer vormt een inbreuk op de vrijheid van meningsuiting en op de informatievrijheid, en behoeft daarom een specifieke, wettelijke bevoegdheid. Maar die bestaat niet, aldus het rapport. Het KLPD mag serviceproviders dus niet dwingen om het internetverkeer te filteren. Bovendien is in Europese regelgeving bepaald dat serviceproviders geen plicht hebben om internetverkeer te monitoren. Zij hoeven dus uit zichzelf niet het internetverkeer te controleren op strafbare feiten of inbreuken op bijvoorbeeld het auteursrecht. Serviceproviders zijn in beginsel niet aansprakelijk voor de inhoud van het gegevensverkeer als zij daar geen inhoudelijke bemoeienis mee hebben. Alleen op last van de officier van justitie of rechter-commissaris moeten ze bestanden overdragen of blokkeren. Maar deze actie is de verantwoordelijkheid van justitie - al dan niet als gevolg van een melding via het Meldpunt Kinderporno. De ingrepen worden uitgevoerd nadat een onrechtmatigheid is geconstateerd. Preventieve ingrepen op grond van een lijst gaan te ver. Bovendien zijn er ook in praktische zin tal van onzekerheden verbonden aan het automatisch blokkeren van kinderpornosites. Ten eerste blijkt het niet eenvoudig om een volledige lijst van websites met kinderporno op te stellen. De onderzoekscommissie heeft de KLPD-lijst onderzocht. De lijst bevat een honderdtal sites uit de de VS en Nederland. Het is niet duidelijk of de sites op de lijst een significant deel vormen van het totale aantal. Het KLPD is niet in staat de lijst actueel te houden, en zogenoemde 'overblokkering' (het blokkeren van sites die in werkelijkheid geen kinderporno bevatten) te voorkomen. Ten tweede zouden serviceproviders zich door het sluiten van gentlemen's agreements (met de overheid) mogelijk kunnen vrijwaren van vervolging door de overheid wanneer websites ten onrechte worden geblokkeerd, maar niet van 'vervolging' door website-eigenaren die gedupeerd zijn. Ten derde is het twijfelachtig welk doel met de blokkering wordt bereikt. De onderzoekers hebben op allerlei manieren geprobeerd om kinderpornosites te bezoeken. Het is ze niet gelukt. De kans dat argeloze burgers ongewild met kinderporno worden geconfronteerd, blijkt erg klein. Daarbij komt dat producenten en afnemers van kinderporno geen websites gebruiken maar andere kanalen, zoals discussielijsten en peer-to-peer-diensten. Het belangrijkste argument is echter dat blokkering van websites zonder dat daar een rechter aan te pas komt, neerkomt op censuur. Zo'n maatregel kan bovendien een opstap zijn naar verregaande acties, zoals het blokkeren van sites die terroristische gedachten bevatten of sites waar naar waarschijnlijkheid andere wettelijke voorschriften worden overtreden. Het kan zelfs leiden tot het blokkeren of belemmeren van sites die informatie bevatten die de commercile belangen van de serviceprovider schaden. In de VS zijn al voorbeelden van providers die peer-to-peer-netwerken belemmeren, omdat deze concurreren met diensten die zijzelf tegen betaling aanbieden. Uiteraard is het geen enkel probleem als internetgebruikers hun informatie via filters willlen reguleren. Maar zij moeten daar dan zelf voor kiezen, niet de overheid of serviceproviders. En zeker niet een combinatie van die twee. |
|||||||||